Posted in

Mona Keijzer: ‘Klein clubje mannen’ nam alle besluiten tijdens coronacrisis

De besluiten in de coronacrisis werden volgens Mona Keijzer genomen door een “klein clubje mannen”. Er was binnen het kabinet ruimte voor tegenspraak, maar daar werd volgens de oud-staatssecretaris niets mee gedaan. Alles was gericht op het tegengaan van besmettingen.

Keijzer had tijdens de coronacrisis op meerdere momenten moeite met de maatregelen die het kabinet nam, vertelt ze woensdag tegen de coronacommissie.

In het kabinet-Rutte III was Keijzer als staatssecretaris onder meer verantwoordelijk voor het mkb. Haar ministerie (Economische Zaken) was in het begin niet nauw betrokken bij de besluitvorming, maar kreeg al snel een steeds prominentere rol.

Toch waren het volgens Keijzer vier mensen die de besluiten namen: premier Mark Rutte, de ministers van Volksgezondheid en Justitie (Hugo de Jonge en Ferd Grapperhaus) en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV).

Dat terwijl Keijzer aan het einde van de rit degene was die de maatregelen moest uitleggen aan ondernemers als kappers, restauranteigenaren en winkeliers. “Ik had steeds vaker zoiets van: hier is geen touw aan vast te knopen”, vertelt ze.

‘Beleid was puur gericht op voorkomen van code zwart’

Keijzer had niet alleen moeite met maatregelen die ondernemers raakten, ook andere maatregelen, zoals de besloten begrafenissen, raakten haar. Net als de gevolgen die met name jongeren ondervonden. Keijzer heeft zelf vijf zonen en zag thuis wat het kabinetsbeleid met hen deed.

Het beleid was volgens Keijzer puur gericht op het voorkomen van code zwart, oftewel het overlopen van de ic waardoor zieke mensen niet meer geholpen konden worden. De beelden van het Italiaanse Bergamo, waar zieke mensen op straat lagen, lieten sporen na bij het kabinet. “Het was een gerechtvaardigd doel, maar niet ten koste van alles”, benadrukt Keijzer.

Voor andere geluiden was wel ruimte. Zo kan Keijzer zich herinneren dat er tijdens vergaderingen cijfers langskwamen van het stijgende aantal meldingen bij Veilig Thuis, 113 Zelfmoordpreventie en De Kindertelefoon. Maar deze punten werden volgens Keijzer vervolgens niet meegenomen in de afweging die het kabinet maakte.

“Minder ontmoetingen, betekende minder besmettingen, minder mensen in het ziekenhuis en op de ic”, aldus Keijzer. Volgens haar zat het “clubje mannen” – en daarmee dus het kabinet – in een fuik.

Keijzer probeerde al eerder ontslag in te dienen

Uiteindelijk is de invoering van het coronatoegangsbewijs voor Keijzer de druppel. Ze kan het beleid naar eigen zeggen niet meer rijmen met haar geweten en wil haar ontslag indienen.

Als eerste brengt ze CDA-leider Wopke Hoekstra, die destijds minister van Financiën en vicepremier is, op de hoogte. Een traject binnen het CDA volgt, maar dat resulteert niet in een ander partijstandpunt. Een maand later licht Keijzer premier Mark Rutte in dat ze uit het kabinet wil stappen. “Die schrok zich een hoedje omdat het kabinet weer iemand zou verliezen en het was al een beetje een duiventil”, vertelt Keijzer.

Maar Keijzer neemt geen ontslag. Op de avond dat ze dat van plan is stapt Sigrid Kaag, destijds minister van Buitenlandse Zaken, op vanwege Kaboel. Een dag later volgt Defensieminister Ank Bijleveld. In de week die volgt vindt Keijzer naar eigen zeggen ook geen “geschikt moment”.

Uiteindelijk wordt Keijzer door Rutte ontslagen na een interview in De Telegraaf waarin ze kritiek uit op de invoering van het coronatoegangsbewijs. Het kabinet spreekt met één mond en die regel heeft ze geschonden.

Waarom ze niet alsnog zelf haar ontslag heeft ingediend, werd tijdens het verhoor niet helemaal duidelijk. “Tegen beter weten in hoopte ik dat het beleid zou veranderen. Maar met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid wist ik wel dat dit het einde zou zijn”, aldus Keijzer.

‘Zij met z’n drieën tegen de rest toch?’

Keijzer laat verder weinig los over de verhoudingen binnen het kabinet. Wel bevestigt ze dat er een tweedeling was. In een appje van Rutte, dat de commissie eerder openbaar maakte, grapt de oud-premier dat het De Jonge, Grapperhaus en Rutte “tegen de rest” was.

Rutte bagatelliseerde het berichtje tijdens zijn eigen verhoor, maar Keijzer herkent zich wel in de boodschap. “Dat klopt wel. Zij met z’n drieën tegen de rest toch? Alleen waren ze de NCTV nog vergeten.”